Voorbereiding op de bestraling

Om u te kunnen bestralen zijn er voorbereidingen nodig. Voor een deel moet u hier bij zijn, bijvoorbeeld bij het maken van een masker en CT- en MRI-scans. Ook zijn er voorbereidingen die zonder u, vaak in de computer, gedaan worden. Dit doen we in de tijd tussen de scans en de eerste bestraling.

Het voorbereidingstraject voor de bestraling is een complex proces waarbij we veel controles moeten uitvoeren. Hierdoor duurt het na uw eerste consult met de radiotherapeut-oncoloog ongeveer een week voordat u de eerste bestraling krijgt.

Het maken van het masker
Bij bestralingen in het hoofd/halsgebied krijgt u een masker op. Het masker zorgt ervoor dat u het hoofd zo min mogelijk kan bewegen, zodat u tijdens de bestralingen in dezelfde positie ligt als bij de voorbereiding. Daarnaast kunnen we markeringen op het masker zetten die nodig zijn om de bestraling zo nauwkeurig mogelijk uit te voeren.

Het masker wordt voor u op maat gemaakt. Het wordt gemaakt van kunststof. Dit kunststof wordt verwarmd waardoor het zacht en elastisch wordt. Hierdoor kan het masker de vorm aannemen van uw hoofd en/of hals. Als het masker op uw gezicht wordt gelegd, voelt het eerst warm aan. Het masker koelt in ongeveer 5-10 minuten af. Het is heel belangrijk dat u tijdens het afkoelen van het masker zo stil mogelijk blijft liggen. In het masker zitten kleine gaatjes waardoor u door uw neus kunt blijven ademen. Na 10 minuten is het masker hard geworden. Tijdens het maken van het masker en het afkoelen zijn 2 medewerkers altijd bij u. Het masker bewaren we bij HollandPTC en gebruiken we alleen voor u. Heeft u claustrofobie? Dan is het maken van een masker misschien niet fijn. We begeleiden u dan extra om ervoor te zorgen dat u zich zo prettig mogelijk voelt.

Beeldvormend onderzoek

CT-scan
Om de richting van de bestralingsbundels zo nauwkeurig mogelijk te bepalen, is het belangrijk dat we de tumor goed in beeld hebben. Daarom maken we een CT-scan in de houding waarin u bestraald zal worden en met masker op. Als het nodig is, markeren we het masker of uw lichaam. Ook krijgt u contrastvloeistof via een infuus in uw arm. Soms is er meer en ander beeldmateriaal nodig als voorbereiding op de bestraling. Hiervoor heeft HollandPTC ook een MRI en PET/CT-scan. Als u deze scans nodig heeft, krijgt u extra informatie over deze onderzoeken.

MRI
MRI staat voor Magnetic Resonance Imaging. Een MRI-scanner maakt afbeeldingen met veel details van organen en weefsels. Die details helpen om de tumor goed in beeld te krijgen. Bij een MRI-scan wordt gebruik gemaakt van een zeer sterke magneet en radiogolven. Hierdoor ontstaan signalen in het lichaam die opgevangen worden door een antenne/ontvanger. Een computer verwerkt deze signalen en maakt er gedetailleerde afbeeldingen van. Een MRI-scan is niet gevaarlijk voor u. Wel heeft de MRI een heel sterke magneet en is het belangrijk op te letten met bepaalde materialen zoals metaal in de buurt van de MRI. U krijgt daarom vooraf meer informatie en een vragenlijst. Tijdens de MRI-scan kunt u net als bij de CT-scan contrastvloeistof via een infuus in uw arm krijgen.

PET/CT-scan
Een PET/CT-scan (Positron Emissie Tomografie) is een nucleair geneeskundig onderzoek waarmee we extra informatie over de tumor krijgen. De techniek maakt gebruik van het feit dat cellen in het lichaam suiker (glucose) als brandstof gebruiken. Kankercellen en ontstekingscellen verbruiken vaak meer brandstof dan gezonde cellen. Bij een PET/CT scan krijgt u een kleine hoeveelheid radioactief glucose via een infuus. Zo kunnen we het gebruik van glucose in uw lichaam goed in beeld brengen en dus de kanker- en ontstekingscellen goed opsporen. Zodra de glucose ingewerkt is, gaat u naar de PET/CT-scanner en worden beelden van uw lichaam gemaakt. De kleine hoeveelheid radioactief glucose is niet gevaarlijk en plast u uiteindelijk weer uit. Als u dit onderzoek krijgt, krijgt u hier meer informatie over.

Het bestralingsplan
Als alle scans zijn gemaakt, geeft de radiotherapeut-oncoloog in de computer aan welk deel precies bestraald gaat worden. In overleg  met het team van medische beeldvorming- en bestralingsdeskundigen (MBB’ers) en klinisch fysici wordt met geavanceerde software een bestralingsplan gemaakt. In het plan staan de richting van en het aantal protonenbundels die nodig zijn om de tumor zo goed mogelijk te behandelen. Ook wordt de dosis zo berekend dat het gezonde weefsel zo min mogelijk beschadigd wordt.

Lees verder over de behandeling bij stap 3 Bestraling in de Luit en Citer.